Bowling

Bowling
Bowling wordt gespeeld op een houten of kunststof baan van ongeveer 18 meter lang en iets meer dan één meter breed, en aan beide zijden een goot. Aan het einde van de baan, op het pindeck, staan in een driehoek 10 pins opgesteld. De bedoeling is een tamelijk grote en zware bal naar de pins te rollen om deze om te kegelen. Om grip te hebben op de bal, is die voorzien van gaten voor de vingers.

Elke pin die omvalt, is een punt waard. Als 10 pins in één keer omgegooid worden heet dat een strike. Dat levert 10 punten op plus de punten van de twee volgende worpen. Een strike kan zo maximaal 30 punten opleveren. Als niet alle pins in één keer omvallen, mag een tweede keer de bowlingbal gegooid worden naar de resterende pins. Als na deze worp alle pins omgegooid zijn, is een spare gegooid. Bij een spare worden de punten van één volgende worp (de eerste worp in de volgende beurt) opgeteld. Een spel bestaat uit tien beurten per speler. Als een speler in de laatste beurt een spare of strike gooit, dan krijgt die speler dus nog één of twee extra worpen.

Bowling wordt vaak recreatief gespeeld, maar er zijn ook (inter)nationale competities. Voor mensen met een beperking zijn veelal geen grote aanpassingen nodig aan het spel. Voor kinderen wordt nog wel eens de goot dichtgezet zodat de bowlingbal bij slecht mikken de baan niet langs de zijkant kan verlaten. Zo wordt menig vader met regelmaat verslagen!
 
Organisaties waar je dit zou kunnen doen (zoek in jouw omgeving door je postcode in te vullen in het groene vak hiernaast):
 
Belangenbehartigers
›› Landelijke belangenbehartigers (2)
 

Zoeken in regio

Vier cijfers postcode:

Gerelateerd

 
Header image