Snelwandelen

Snelwandelen
Snelwandelen is een onderdeel van de atletieksport. De bedoeling is dat de sporter zo snel mogelijk loopt, maar zonder zweefmoment (zoals bij hardlopen). Altijd moet een van beide voeten contact met de grond hebben en altijd moet de knie van het standbeen gestrekt blijven vanaf het moment dat de voet de grond raakt tot het moment dat de voet recht onder het lichaam is. Snelwandelaars zwaaien met de heupen om de pas zo veel mogelijk te verlengen. Deze drie elementen bij elkaar zorgen voor een kenmerkende loop.

Tijdens wedstrijden beoordelen juryleden of de atleet de techniek goed uitvoert. Een bordje met een geel teken betekent dat een berisping omdat de atleet zich net niet helemaal aan de regels houdt (een golfje voor verlies van bodemcontact of een > voor een gebogen knie). Een rode kaart betekent een waarschuwing vanwege een tweede berisping of een heel duidelijke overtreding van de regels. Na drie waarschuwingen is de atleet gediskwalificeerd. Omdat het lastig is om met het blote oog te zien of de techniek correct is, geeft de jurering vaak aanleiding tot discussies.

Snelwandelwedstrijden worden gehouden op de weg en op de atletiekbaan, over afstanden variërend van 3000 meter voor junioren indoor tot 50 km voor mannen op de weg. De snelheid ligt behoorlijk hoog. ‘Gewone’ snelwandelaars lopen 8 tot 13 km/u. Het wereldrecord over 20 km is gelopen met 15,5 km/u bij de mannen, en met 14 km/u bij de vrouwen.
 

Zoeken in regio

Vier cijfers postcode:

Kijk ook eens bij

Gerelateerd

 
Header image