|
Oerdieet
De primitieve mens was een jager/verzamelaar
In tegenstelling tot de moderne mens bewoog de primitieve mens de hele dag en at voornamelijk zaden, bessen, knollen en af en toe vlees. Het oerdieet had daarom nauwelijks een verhoging van het glucoseniveau in het bloed tot gevolg. Pas in herfst was er veel rijp, zoet fruit. Een overvloedige consumptie van snel verteerbare koolhydraten (zoet fruit) en de daarbij horende hoge glucose en insulinewaarden in het bloed waren voor het lichaam van de oermens een signaal dat de winter in aantocht was en dat het tijd was om vet op te slaan en dikker te worden zodat ze winter zouden overleven. Dit is de theorie achter het oerdieet.
Hoe werkt het afvallen met het oerdieet? Het oerdieet gaat er van uit dat ons lichaam nog net zo werkt als dat van de oermens. Stijging van het glucoseniveau en insuline waarde in het bloed zijn een signaal voor het lichaam dat er een overschot aan brandstof (glucose) beschikbaar is. De vetverbranding wordt dan gestopt. Alle overtollige glucose wordt in de lever en spieren opgeslagen. Deze opslagruimte is zeer beperkt en als de opslagcapaciteit ontoereikend is wordt de overtollige glucose in de vorm van vet in vetcellen rond het middel opgeslagen. Zo word je dus dikker!
Diëten vergeleken
|
Paleolithisch dieet (oermens) |
Huidig dieet |
|
Eiwitten |
34 % |
12 % |
|
Koolhydraten |
45 % |
46 % |
|
Vetten |
21 % |
42 % |
|
Vetzuurratio |
1,41 |
0,44 |
|
Cholesterol |
591 |
600 |
|
Vezels |
46 gram |
20 gram |
|
Natrium (zout) |
690 gram |
2.300 – 6.900 mg. |
|
Calcium |
1.580 mg. |
740 mg. |
|
Vitamine C |
392 mg. |
88 mg. |
- Eiwitten vormden vroeger 34 % van het dieet terwijl we tegenwoordig op 12 % zitten.
- De koolhydraten verschillen niet veel, maar het nadeel is dat de suikers nu vaak kunstmatig gemaakt zijn en niet meer worden gehaald uit de natuurvoeding.
- De vetten lagen voorheen ook stukken lager en werden natuurlijk voornamelijk betrokken uit vlees en vis. Tegenwoordig komt het al gauw neer op zo’n 42 %. Dat is dus bijna een verdubbeling en ze komen niet voornamelijk uit vis en vlees en zijn ook nog eens meestal verzadigd(slechte vetten).
- De vetzuurratio was vroeger veel gunstiger dan dat het nu is. Deze vetzuurratio wordt bepaald door verhouding tussen verzadigd vet (de slechte vetten) en onverzadigd vet (de goede vetten). Desondanks hebben we ze beide nodig, in goede verhouding.
- Het aantal vezels was vroeger bijna twee maal zo hoog doordat we veel meer natuurlijke voeding tot ons namen.
- De hoeveelheid zout lag vroeger vele malen lager dan tegenwoordig. Alle producten die we tot ons nemen zijn meestal verrijkt met wat zout om de smaak te bevorderen.
- De hoeveelheid calcium, lag vroeger ook aanzienlijk hoger ten opzichte van nu. Niet omdat er toen zoveel melk werd gedronken, maar door een andere heel belangrijke bron van calcium, namelijk groene groenten. We hoeven calcium dus niet perse uit onze melk te halen.
- Ook de hoeveelheid vitamine C lag vele malen hoger dan dat we nu op dagbasis binnen krijgen, omdat de voeding een stuk natuurlijker was.
Tips Combineer je dieet met activiteiten zoals fitness, wandelen of hardlopen. Dit scheelt aanmerkelijk in de snelheid waarmee je ongewenste kilo’s verliest en je gaat lekkerder in je vel zitten. Voor een verantwoord dieet is het verstandig om een diëtist te bezoeken die je een persoonlijk en professioneel advies kan geven.
|