|
Åstrand-test
De Åstrandtest is ontwikkeld door een van de grondleggers van de inspanningsfysiologie: de Zweed Åstrand. De Åstrand-test is een submaximale test op een fietsergometer. Degene wiens conditie wordt gemeten fietst gedurende 6 minuten bij een bepaalde constante belasting. De uitkomst van de test is een inschatting van de VO2-max, dit is de maximale zuurstofopnamecapaciteit.
De belangrijkste waarden die tijdens de test worden vastgelegd zijn:
- de hartslag aan het einde van de test
- de belasting (het geleverde vermogen) in Watts
De hartslag die wordt gemeten aan het eind van de test moet liggen tussen de 130-170 slagen per minuut liggen. Samen met de waarde van de belasting (het geleverde vermogen in Watts) geven deze waarden met behulp van een formule een schatting van de VO2-max. Hoe lager de hartfrequentie hoe beter de conditie. Wel dient nog gecorrigeerd te worden voor de leeftijd, omdat de test relateert aan de maximale hartfrequentie en die is afhankelijk van de leeftijd (± 220 - de leeftijd).
Voor de test is een geijkte fietsergometer nodig waarvan de belasting precies ingesteld dient te worden. Bij de Åstrand-test kan de berekende waarde behoorlijk afwijken van de werkelijke waarde, namelijk zo'n 10%. Daarom is de test minder geschikt om de conditie van een individu nauwkeurig te schatten en meer geschikt om de trainingsvooruitgang te volgen of de conditie van een groep te bepalen, omdat dan de meetonnauwkeurigheden tegen elkaar wegvallen.
De Astrand test is niet geschikt voor topsporters vanwege het feit dat de test leidt tot (te) grote afwijkingen in de inschatting van het maximale zuurstofopnamevermogen.
|